Preventief beleid ASV’55

Het is belangrijk dat iedereen, en met name minderjarigen en kwetsbare groepen, in een veilige omgeving kan sporten. Helaas worden we in Nederland nog te vaak opgeschrikt door verhalen over seksuele intimidatie (of erger) van kinderen rond het beoefenen van hun sport.

Als sportvereniging is het een plicht om maatregelen te nemen die seksuele intimidatie kunnen voorkomen. Om die reden heeft ASV’55 besloten om beleid te maken om dit soort misstanden te voorkomen. Dit beleid bestaat uit de volgende punten:

1. Gedragsregels voor begeleiders

ASV’55 hanteert de gedragsregels die door het NOC*NSF zijn opgesteld om ongewenst gedrag in de relatie sporter en trainer/begeleider te verkleinen. Daarnaast fungeren deze gedragsregels als toetssteen voor het gedrag van begeleiders en sporters in concrete situaties. Alle sportbonden, die zijn aangesloten bij het NOC*NSF (w.o. de KNVB en de KNGU), hebben deze gedragsregels overgenomen in hun tuchtrecht. Voor begeleiders is het belangrijk dat zij weten wat deze gedragsregels zijn en dat deze ook voor hen gelden. Daarom staan deze gedragsregels op de website van ASV’55 en moeten alle begeleiders van de jeugd schriftelijk verklaren bekend te zijn, en akkoord te gaan, met de gedragsregels.

2. Aannamebeleid voor vrijwilligers

ASV’55 hanteert een aannamebeleid voor jeugdbegeleiders om zo een beter beeld te krijgen van de begeleider.

Het aannamebeleid bestaat uit:

  • Het voeren van een kennismakingsgesprek met de begeleider door een bestuurslid of een door het bestuur aangewezen persoon;
  • Het doen van een referentie controle wanneer de begeleider in het verleden bij andere verenigingen of instellingen met jeugd heeft gewerkt;

3. Verplichte Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) voor vrijwilligers

ASV’55 vraagt alle begeleiders van de jeugd om een VOG aan te vragen en deze te overleggen aan het Jeugdbestuur. ASV’55 initieert deze aanvraag, waarna de begeleider de aanvraag afrondt. Het aanvragen van een VOG voor een begeleider is voor ASV’55 kosteloos. Het Jeugdbestuur administreert de VOG’s.

4. ASV’55 heeft een vertrouwenspersoon

ASV’55 heeft een vertrouwenspersoon. Hij/zij is het eerste aanspreekpunt binnen de vereniging voor iedereen die een vraag heeft over, of te maken heeft met, grensoverschrijdend gedrag en hier met iemand over wil praten. De vertrouwenspersoon is voor iedereen binnen de vereniging; sporters, ouders, trainers, toeschouwers, bestuurders enz. De contactgegevens van de vertrouwenspersoon van ASV’55 zijn te vinden op onze website bij contact.

5. Kleedkamerbeleid

De kleedkamer is een plek die per definitie een veilige omgeving moet zijn. Daarom geldt het volgende omtrent wie er wel en niet in de kleedkamers mogen komen:

Jongens
Vanaf de D-pupillen (12 jaar) komen er geen ouders meer in de kleedkamer om kinderen te helpen met omkleden, verkleden en douchen. Dit geldt zowel voor, tijdens als na de wedstrijd. De coach/begeleider zullen hierbij, indien nog nodig, een helpende hand moeten bieden.

Meisjes
Bij alle meisjes-teams komen geen mannen in de kleedkamer. Dit geldt zowel voor, tijdens en na de wedstrijd. Dit geldt zowel voor, tijdens als na de wedstrijd. Deze teams zullen een vrouwelijke coach en of kleedkamer-moeder in de kleedkamer hebben.

Gemengd
Vanaf de D-pupillen (12 jaar) komen er geen ouders meer in de kleedkamer om kinderen te helpen met omkleden, verkleden en douchen. Dit geldt zowel voor, tijdens als na de wedstrijd. De coach/begeleider zullen hierbij, indien nog nodig, een helpende hand moeten bieden. Meisjes moeten de mogelijkheid hebben om apart te douchen.

Gedragsregels voor begeleiders volgens NOC*NSF
De gedragsregels zijn door NOC*NSF opgesteld om ongewenst gedrag in de relatie sporter en trainer/begeleider te verkleinen. Alle sportbonden, aangesloten bij NOC*NSF, hebben deze gedragsregels overgenomen in hun tuchtrecht. Daarnaast fungeren deze gedragsregels als toetssteen voor het gedrag van begeleiders en sporters in concrete situaties. Alle sportbonden, die zijn aangesloten bij het NOC*NSF (w.o. de KNVB en de KNGU), hebben deze gedragsregels overgenomen in hun tuchtrecht. Voor begeleiders is het belangrijk dat zij weten wat deze gedragsregels zijn en dat deze ook voor hen gelden.

  • De begeleider moet zorgen voor een omgeving en een sfeer waarbinnen de sporter zich veilig voelt.
  • De begeleider onthoudt zich ervan de sporter te bejegenen op een wijze die de sporter in zijn waardigheid aantast, én verder in het privéleven van de sporter door te dringen dan nodig is voor het gezamenlijk gestelde doel.
  • De begeleider onthoudt zich van elke vorm van (machts)misbruik of seksuele intimidatie tegenover de sporter.
  • Seksuele handelingen en seksuele relaties tussen de begeleider en de jeugdige sporter tot zestien jaar zijn onder geen beding geoorloofd en worden beschouwd als seksueel misbruik.
  • De begeleider mag de sporter niet op een zodanige wijze aanraken dat de sporter en/of de begeleider deze aanraking naar redelijke verwachting als seksueel of erotisch van aard zal ervaren, zoals doorgaans het geval zal zijn bij het doelbewust (doen) aanraken van geslachtsdelen, billen en borsten.
  • De begeleider onthoudt zich van seksueel getinte verbale intimiteiten.
  • De begeleider zal tijdens trainingen, wedstrijden en reizen gereserveerd en met respect omgaan met de sporter en met de ruimte waarin de sporter zich bevindt, zoals de kleedkamer of de hotelkamer.
  • De begeleider heeft de plicht de sporter te beschermen tegen schade en (machts)misbruik als gevolg van seksuele intimidatie. Daar waar bekend of geregeld is wie de belangen van de (jeugdige) sporter behartigt, is de begeleider verplicht met deze personen of instanties samen te werken, opdat zij hun werk goed kunnen uitoefenen.
  • De begeleider zal de sporter en/of diens ouders of verzorgers geen (im)materiële vergoedingen geven met de kennelijke bedoeling tegenprestaties te vragen. Ook de begeleider aanvaardt geen financiële beloning of geschenken van de sporter en/of diens ouders of verzorgers die in onevenredige verhouding tot de gebruikelijke dan wel afgesproken honorering staan.
  • De begeleider zal er actief op toezien dat deze regels worden nageleefd door iedereen die bij de sporter is betrokken. Indien hij gedrag signaleert dat niet in overeenstemming is met deze regels zal hij de betreffende persoon daarop aanspreken.
  • In die gevallen waarin de gedragsregels niet (direct) voorzien, ligt het binnen de verantwoordelijkheid van de begeleider in de geest hiervan te handelen.